Hoe kunnen gedachten invloed hebben op je lichaam?
- Evelien van der Werff
- 11 uur geleden
- 3 minuten om te lezen

Je lichaam reageert niet alleen op wat er daadwerkelijk gebeurt.
Het reageert vooral op wat jouw brein dénkt dat er gebeurt.
Daarom kan één gedachte van angst je hart sneller laten kloppen, terwijl één gedachte van veiligheid je hele lichaam kan laten ontspannen. Dat betekent niet dat je met gedachten alles kunt sturen. Ons lichaam wordt door veel meer beïnvloed, zoals slaap, voeding, ziekte, beweging en genetische factoren. Maar gedachten zijn wel een krachtige factor die voortdurend invloed uitoefent op hoe je zenuwstelsel en hormonen reageren.
Elke gedachte is als een druppel. Eén druppel maakt weinig verschil, maar duizenden druppels van hetzelfde soort kleuren uiteindelijk de inhoud van het vat. Daarom kan het oefenen met andere gedachten en een ander perspectief op de lange termijn merkbare invloed hebben op hoe je je voelt en hoe je lichaam reageert.

Het proces ziet er ongeveer zo uit:
1. Je hebt een gedachte
Bijvoorbeeld:
"Ik kan dit niet."
"Wat als de kanker terugkomt?"
"Wat fijn dat ik in de zon zit."
"Ik ben veilig."
Een gedachte is in feite een elektrisch patroon van activiteit in je hersenen.
2. Je brein geeft betekenis
Je hersenen vragen zich razendsnel af:
Is dit veilig of gevaarlijk?
Dit gebeurt grotendeels automatisch. Vooral de amygdala (het alarmsysteem) en de prefrontale cortex spelen hierin een belangrijke rol.
3. Je hersenen sturen signalen naar je lichaam
Afhankelijk van de interpretatie worden verschillende systemen geactiveerd.
Bij gevaar:
Sympathisch zenuwstelsel gaat aan.
Stresshormonen zoals adrenaline en later cortisol komen vrij.
Hartslag stijgt.
Ademhaling versnelt.
Spieren spannen aan.
Bloed gaat naar armen en benen.
Spijsvertering vertraagt.
Immuunsysteem verandert tijdelijk van activiteit.
Bij veiligheid:
Parasympathisch zenuwstelsel wordt actiever.
Hartslag daalt.
Ademhaling verdiept.
Spieren ontspannen.
Spijsvertering verbetert.
Herstelprocessen krijgen meer ruimte.
Verbinding en nieuwsgierigheid nemen toe.
4. Je lichaam voelt dat
Die hormonen en zenuwsignalen veroorzaken lichamelijke sensaties:
knoop in je maag
warme borst
kippenvel
gespannen schouders
ontspanning
tintelingen
Dat noemen we vaak een emotie. Een emotie is eigenlijk een lichamelijke reactie op hoe je brein een situatie beoordeelt.
5. Je lichaam stuurt informatie terug naar je brein
Dit is een belangrijke stap die vaak vergeten wordt.
Je hart, darmen, spieren en andere organen sturen voortdurend signalen terug naar je hersenen.
Je hersenen "lezen" als het ware:
"Het lichaam staat gespannen."
Daardoor ontstaan vaak nieuwe gedachten, bijvoorbeeld:
"Zie je wel, er is iets mis."
"Ik ben echt bang."
Of juist:
"Wat voel ik me rustig."
"Alles komt goed."
Zo ontstaat een lus.
De vicieuze cirkel
Gedachte →Betekenis →Hormonen →Lichamelijk gevoel →Nieuwe gedachte →Nog meer hormonen →Nog sterker gevoel
Na verloop van tijd kan deze lus zichzelf versterken.
Maar hetzelfde gebeurt positief
Stel je ziet een klein jongetje dat tevreden zijn bidon staat af te wassen.
Gedachte:
"Wat is hij tevreden."
Je brein interpreteert:
"Dit is veilig. Dit is mooi."
Je lichaam reageert:
ontspanning
zachtere ademhaling
minder stresshormonen
mogelijk meer oxytocine en dopamine
warm gevoel
Vervolgens denk je:
"Wat is het hier fijn."
Die gedachte versterkt de rust nóg verder.
Waarom herhaalde gedachten zo krachtig zijn
Eén gedachte verandert je lichaam maar kort.
Duizenden vergelijkbare gedachten, dag na dag, maken dat bepaalde zenuwbanen steeds sterker worden. Je hersenen worden efficiënter in dat patroon ("neurons that fire together wire together"). Ook je lichaam raakt gewend aan de bijbehorende hormonale toestand.
Daarom voelt een oude manier van denken na verloop van tijd bijna als "wie je bent", terwijl het eigenlijk een ingesleten patroon is.

















Opmerkingen